maandag 3 maart 2014

Gemengde gevoelens

De tas was al bijtijds ingepakt. Al het nodige bij elkaar gezocht. Met gemengde gevoelens, dat wel. Vanochtend is mijn echtgenoot naar het ziekenhuis vertrokken en zijn er voor de tweede keer tumoren verwijderd. Op het moment dat ik dit schrijf is de operatie net achter de rug. Mijn echtgenoot belde zelf op met de mededeling dat hij in de uitslaapkamer lag. Hij klonk opgelucht maar ook alsof hij lichtelijk dronken was. Oorzaak: een naast de ruggenprik toegediend roesje en dat voelde erg prettig aan, volgens hem. Hij klonk zelfs bijna gelukzalig, maar dat is omdat de ruggenprik nog niet is uitgewerkt en hij nog geen pijn voelt. Ik vrees dat het gevoel van gelukzaligheid binnen afzienbare tijd drastisch zal afnemen... 

Vanaf nu moet hij het acht weken rustig aan doen en volgt er een reeks chemospoelingen, eerst een keer per week, daarna een keer per maand. Hij is er vrij rustig onder. Zoals gewoonlijk was ik voor de operatie weer eens nerveuzer dan de patiënt zelf, maar dat is hij wel gewend van mij. De vorige keer pakte dezelfde soort ingreep iets anders uit dan verwacht en moest hij, vanwege bijkomstigheden, kort na thuiskomst halsoverkop weer terug naar het ziekenhuis. Maar omdat we proberen altijd van het beste uit te gaan, vertrouwen we erop dat hij dit keer zo snel mogelijk naar huis terug kan keren. Bovendien is er goede hoop dat uitzaaiingen onder controle gehouden kunnen worden. En dat is een enigszins geruststellende gedachte.

Toch blijft het een eigenaardig moment zodra mijn echtgenoot door de deuren naar de ok-afdeling verdwijnt en ik naar buiten loop om me in het normale leven te begeven. Het besef dat hij ergens binnen die muren van dat ziekenhuis verblijft en ik daar helemaal geen invloed op uit kan oefenen voelt als een vreemd soort machteloosheid. Het is het besef dat je op dat moment niets anders voor hem kunt doen dan hopen dat alles goed verloopt.
Op zulke momenten denk ik alvast aan wat ik tijdens het bezoekuur voor hem mee zal nemen. Iets wat hij leuk vindt om te lezen of iets lekkers wat hij graag lust. Daar kan ik me op verheugen, zoals hij zich op zijn beurt ook op het bezoekuur verheugt.

Wanneer hij hopelijk binnenkort thuiskomt, leg ik hem heerlijk in de watten maar hou ook streng toezicht, zodat hij op tijd zijn rust neemt en geen dingen doet die hij absoluut nog niet mag doen. En al vindt hij soms dat ik misschien wel eens ietsje te veel op hem let en vind ik soms juist dat mijn patiënt een tikkeltje te eigenwijs is, we komen er samen wel uit. Dat weet ik zeker.


2 opmerkingen: